logo Erfgoed Rijssen-Holten

Holten en zijn Middeleeuwse burchten

 

De burchten van Holten

Het toponiem Holten valt op te delen in twee delen: “holt” – wat hoogopgaand loofbos betekent – en “en” – (woon)plaats bij. Eén en één maakt twee: Holten duidde

op een woonplaats bij een hoogopgaand loofbos. Het ontstaan van Holten is nog zichtbaar in het landschap en in de bodem. Holten kende in de middeleeuwen namelijk twee burchten:

 

  1. Het mottekasteel bij erve Jeurlink.
  2. Kasteel de Waerdenborch.

 

Beide burchten samen vormen het verhaal van Holten. Dit verhaal wordt hieronder verteld.

 

  1. De eerste burcht bij erve Jeurlink

De zomer van 2018 was warm en droog. Door de droogte werden lijnen zichtbaar op een perceel ten zuiden van erve Jeurlink in het buurtschap Neerdorp, ten noorden van Holten. Dit is goed te zien op een satellietfoto uit 2018 (figuur 1). De strepen in de grond geven een doorkijkje naar het verleden van Holten. Wat stond hier vroeger? En hoe past deze archeologische vondst in het verhaal van Holten?

 

FILMPJE MOTTEBURCHT: De eerste burcht van Holten

Figuur 1: Een satellietfoto van het terrein uit 2018. (Bron: Gemeente Rijssen-Holten).

 

1.1       De ontstaansgeschiedenis van Holten

De oudste sporen van permanente bewoning in Holten dateren uit de 11e en 12e eeuw. De plaatsnaam Holten wordt voor het eerst vermeld in het jaar 1046 in een schenkingsoorkonde van de Duitse keizer Hendrik III aan bisschop Bernulfus van Utrecht. Deze keizer schonk delen van het graafschap Hamaland aan Bernulfus, waardoor de bisschop wereldlijk gezag over Holten kreeg.

 

Een prettige bijkomstigheid voor de bisschop was dat hij hiermee ook het wildernisrecht verkreeg. Dit recht hield in dat een landsheer een claim kon doen op alle onbeheerde terreinen in zijn gebied en ook belasting kon innen van mensen die de grond wilden ontginnen. De bisschop gaf vervolgens het beheer van het gebied over aan zijn ministerialen – dienstmannen die gebieden bestuurden of burchten bewaakten. Deze ministerialen regelden vervolgens de veenontginning, waaruit dus ook belasting werd geïnd.

Een minder prettige bijkomstigheid voor de bisschop was dat, door het beheer van gebieden uit te besteden aan ministerialen, ministerialen misbruik, of anders gezegd, gebruik gingen maken van hun positie. Veel ministerialen probeerden in hun leengoed burchten te bouwen op de meest strategische locaties, om zo zichzelf en hun bezittingen te verdedigen. Ook was een burcht een symbool van macht en status. Omdat ministerialen op deze manier steeds minder afhankelijk werden van de bisschop, nam hun macht toe en nam de macht van de bisschop juist af.

 

1.2       De burcht bij erve Jeurlink

Binnen deze context kan ook de archeologische vondst bij erve Jeurlink geplaatst worden. Op het kleine heuveltje in het landschap moet ooit een houten of vakwerk toren hebben gestaan, die diende als woon- en/of wachttoren. De sporen laten een terrein zien waar een gracht omheen ligt. Dit wijst op het bestaan van een versterkte positie in de late middeleeuwen. Op het binnenterrein zijn paalsporen gevonden van houten gebouwen. Door de aardewerken vondsten wordt de versterking geschat in het midden van de 14e eeuw. Reconstructies van dergelijke versterkingen elders in het land geven een beeld van hoe deze versterking er ongeveer heeft uitgezien:

 

Figuur 2: Reconstructie van een mottekasteel in Oostkappele. (Bron: Wikimedia Commons).

 

De vraag blijft: Waarom is er juist op dit stuk grond een versterking gebouwd? In de omgeving van Holten zijn namelijk hogere en meer strategische plekken te vinden voor versterkingen. Het valt op dat de grond rond erve Jeurlink in de 13e en 14e eeuw grotendeels in bezit is geweest van één groep: ministerialen. Er is echter geen duidelijke, directe relatie gevonden tussen de versterking en het erf Jeurlink zelf. Zoals hiervoor is beschreven hadden ministerialen wel motieven om versterkingen aan te leggen. Het feit dat de grond in het bezit was van ministerialen geeft ook blijk van gelegenheid om een versterking te realiseren. Dit wijst op de mogelijkheid dat het omgrachte terrein bij erve Jeurlink gaat om een versterking gemaakt in opdracht van een ministeriaal.

Het voorgaande laat zien dat er zowel een gelegenheid als een motief was om een versterking te bouwen. Maar waarom werd deze versterking gebouwd bij erve Jeurlink? Hiervoor duiken we de geschiedenis weer in. De bouw wordt in verband gebracht met Frederik van der Ehze, heer van Rechteren. Frederik van der Ehze speelde een belangrijke rol binnen het Oversticht, in het bijzonder in de conflicten tussen de adel, de bisschop en de steden. Het Oversticht, waarbinnen Deventer de belangrijkste stad was, komt grotendeels overeen met de hedendaagse provincies Drenthe en Overijssel. Het gebied stond onder gezag van de bisschoppen van Utrecht. Frederik was in feite de belangrijkste heer van het Oversticht en tussen 1348 en 1353 ambtman van Salland.

 

1.3       De burcht en de landweer

De bouw van een versterking in de buurt van Holten, door deze Frederik, wordt een aantal keren genoemd tussen 1347-1360 in de Cameraarsrekeningen van de stad Deventer. In 1347 worden bouwmaterialen naar het Holtenerwold verplaatst en korte tijd daarna is er sprake van een bouwwerk in hetzelfde gebied bij een plaats genaamd Wegestapelen. In deze periode was er namelijk geen sprake van goed noaberschap tussen de regio’s. Overijssel werd herhaaldelijk binnengevallen door heersers uit Gelderse streken, mede vanwege de lucratieve handelsweg die van Deventer naar het oosten liep. Onder meer Goor, Wesepe, Duur en ook Holten werden rond 1352 geplunderd en verbrand.

 

Omdat onze regio wel een beetje klaar was met deze onaangekondigde, gewelddadige visite, werd besloten tot een investering in defensie. In samenwerking met de stad Deventer begon de bisschop rond 1365 met de aanleg van een landweer – een natuurlijke, vaak dichtbegroeide verhoging met aan beide kanten grachten die ruiters niet kunnen passeren– langs de zuidgrens.

 

Figuur 3: Een visualisatie van een landweer. (Bron: Erfgoedadviesraad Gemeente Rijssen-Holten).

 

 

 

Echter kende de landweer enkele kwetsbare plaatsen, bijvoorbeeld op plekken waar wegen de landweer passeerden. Op deze plekken werden vaak versterkingen of kastelen gebouwd. Het mottekasteel bij erve Jeurlink werd waarschijnlijk rond dezelfde tijd gebouwd als Arkelstein tussen 1350-1360 (zie figuur 4). Het mottekasteel bij erve Jeurlink verdedigde de oostelijke toegang tot de Holterdijk. Hier was een belangrijke waterkering aangelegd. Ook liep de weg van Deventer richting het oosten hier. Dit maakte plek tot een strategisch punt. Arkelstein verdedigde daarentegen de zuidelijke toegang tot de Zegendijk/Holterdijk. Deze dijk is naar verwachting eerder aangelegd dan de landweer.

 

Rond 1378 werd de landweer vanaf Arkelstein verder getrokken naar Holten en naar het Rijssense veen. Hierdoor kwam het mottekasteel bij erve Jeurlink achter de verdedigingslinie te liggen, waardoor het kasteel zijn functie verloor en werd ontmanteld. Het punt waar de landweer de doorgaande weg passeerde kwam zuidelijker te liggen, waardoor het voor de hand lag om daar een nieuw kasteel te realiseren: de Waerdenborch.

 

Figuur 4: Reconstructie van de situatie rond het Holterbroek in de tweede helft van de 14e eeuw geprojecteerd op de Kraijenhoff-kaart (1798-1822). (Bron: RAAP Archeologisch Adviesbureau B.V.)

 

 

 

 

  1. Kasteel de Waerdenborch (de tweede burcht)

Het potje voor defensie was nog niet leeg, dus werd op de vernieuwde grens van de landweer rond 1379 een nieuwe versterking gebouwd. Kasteel de Waerdenborch is waarschijnlijk een relatief klein kasteel geweest en vervulde met name een militaire functie. De kerntaken van het kasteel waren het verdedigen van de buitengrens en het heffen van tol. De vesting werd bemand door de kastelein en twee of drie weerbare manschappen. Hun belangrijkste taak was het verdedigen van de grens en van de belangrijke handelsweg van en naar Deventer. Erg succesvol ging dit in het begin niet. Al in 1380 werd het kasteel platgebrand en verwoest door Hendrik van Solmisse. Na wat te schuiven in de begroting werd het kasteel in september 1381 hersteld. In het voorjaar van 1382 was de herbouw van het kasteel afgerond.

 

FILMPJE WAERDENBORCH: Historie Ruïne de Waerdenborch

 

Figuur 5: Een kaartje van de landweer en de positionering van de Waerdenborch (rechtsboven). (Bron: Holten, het bisschoppelijk kasteel de Waardenborg).

 

Na de herbouw van het kasteel had de bisschop zijn twijfels of het kasteel wel sterk genoeg zou zijn om de eerste de beste aanval tegen te houden. Echter was zijn defensiepotje nu wel echt leeg, en ook via andere schimmige financiële constructies kon er geen geld meer worden vrijgemaakt. Hierom verpachtte de bisschop in 1401 het kasteel voor 32 jaar aan de vermogende schout en rentmeester Gerrit Borre, onder de voorwaarde dat hij het kasteel zou versterken voor een maximumbedrag van 1000 ‘oude schilden’. Alles wat hij zou besteden aan defensie zou hem na de termijn worden terugbetaald. Dit hoefde je Gerrit Borre niet twee keer te zeggen. In 1406 had hij al meer uitgegeven aan defensie dan waartoe hij eigenlijk gerechtigd was. Tot in het midden van de 15e eeuw werd er fanatiek geïnvesteerd in de verdediging van de Waerdenborch, waardoor het budget ruimschoots werd overschreden.

 

De bisschop zag dat het tijd werd om in te grijpen. Om te voorkomen dat ook alle huis- en lastdieren op de Waerdenborch tot de tanden toe bewapend zouden worden, besloot de bisschop dat er in het vervolg geen extra investeringen meer mochten worden gedaan in de Waerdenborch, tenzij hij hiervoor uitdrukkelijk toestemming gaf. Vanaf dit moment zijn er geen ingrijpende, nieuwe verbouwingen meer gedaan.

 

Tegen het einde van de 15e eeuw werd de Waerdenborch, mede door de verdere modernisering van wapens, steeds minder van militair belang. Toch heeft het kasteel nog tot het begin van de 16e eeuw dienstgedaan. In 1528 werd het wereldlijk gezag over het Oversticht overgedragen van de bisschop aan Karel V. Onder Karel V werd het kasteel tussen 1529-1531 buiten gebruik gebracht en uiteindelijk afgebroken.

 

 

2.1       De resten van de Waerdenborch

Tijdens opgravingen in 1972 werd het terrein van de Waerdenborch onderzocht. De Waerdenborch was een typisch middeleeuws kasteel met gracht en vierkante vorm, vergelijkbaar met bekende kastelen als het Muiderslot. Het kasteel was omgeven door een brede en diepe gracht van zo’n 20 meter breed en 3,5 meter diep, met lemen wanden om verzakkingen te voorkomen. Van het kasteel zelf zijn alleen de funderingen van de hoofdburcht teruggevonden: een ommuring met poortgebouw in een rechthoek van ongeveer 25 bij 30 meter.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Figuur 6: De huidige situatie, de ruïne van de Waerdenborch. (Bron: Erfgoedadviesraad Gemeente Rijssen-Holten).

 

Aan de zuidkant staken twee vierkante torens in de gracht. Waarschijnlijk lag er ten noorden van deze hoofdburcht nog een voorburcht met bijgebouwen, maar daar is bij later graafwerk niets meer van teruggevonden. De toegang tot het kasteel liep via een ophaalbrug aan de noordzijde, waarvan resten van de houten palen en een gemetseld bruggenhoofd zijn gevonden.

 

Uit het muurwerk blijkt dat het kasteel in meerdere fasen was gebouwd en verbouwd, zoals ook naar voren komt in de hierboven uitgewerkte geschiedenis van de Waerdenborch. Verschillen in baksteenformaten tonen aan dat sommige delen ouder zijn dan andere – grote stenen wijzen op vroege bouw, kleinere op latere aanpassingen. Uiteindelijk werd het kasteel afgebroken, wat te zien is aan puinlagen met grote muurstukken in de gracht.

 

Op de plek waar de Waerdenborch stond, bevindt zich vandaag de dag een kruispunt van wegen. Het kasteel had als kerntaak om ditzelfde kruispunt te controleren en te verdedigen. Gelukkig hoeven we nu niet meer te vrezen voor een gewelddadige inval vanuit de Gelderse streken. We vrezen enkel nog voor roekeloos rijgedrag.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Figuur 7: De locatie van de ruïnes van de Waerdenborch anno 2025. (Bron: Google Maps).

 

 

Meer weten?

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Bronvermelding

Dit verhaal is gebaseerd op:

  • Rapporten van RAAP Archeologisch Adviesbureau B.V.

Archeologisch vooronderzoek Voorburcht kasteel Waerdenborg te Holten

Cultuurhistorisch en archeologisch onderzoek naar een omgracht terrein uit de late middeleeuwen bij erve Jeurlink te Neerdorp bij Holten

 

Erfgoed Rijssen-Holten maakt gebruik van Erfgoednet 3.0 een product van Vitec Memorix